Transitievergoeding: stoelendans flexwerkers lijkt onvermijdelijk
Komt er de komende maanden een stoelendans van flexwerkers op gang? Het lijkt erop dat veel werkgevers ervoor kiezen de transitievergoeding te ontlopen door tijdelijke en uitzendkrachten vóór 1 juli aan te zeggen. 90% van de respondenten op onze poll gaf aan het liefst te starten met een nieuwe flexkracht.
Langzaam maar zeker wordt er steeds meer duidelijk omtrent de transitievergoeding, zoals de overgangsregels en aftrekkosten. Hoe de nieuwe regels in de praktijk gaan uitpakken is voor iedereen koffiedik kijken. Wat in elk geval zeker is: vanaf 1 juli zijn werkgevers verplicht om bij aanzegging of ontslag van een medewerker (óók uitzendkrachten!) met een arbeidsverleden van twee jaar of langer een vergoeding uit te keren. Er is genoeg commentaar op dit onderdeel van de nieuwe Wet Werk en Zekerheid, het zou volgens critici juist meer onzekerheid in de hand werken voor flexkrachten. Grote bedrijven als PostNL en ING laten massaal tijdelijke en uitzendcontracten voor 1 juli aflopen, tot ongenoegen van vakbonden.
Meerderheid
Deze onzekerheid onder werkgevers blijkt ook uit de uitlag van onze poll. In onze vorige nieuwsbericht vroegen we u om middels een poll antwoord te geven op de vraag: Vanaf 1 juli betalen werkgevers een transitievergoeding aan flex- en uitzendkrachten die na minimaal twee jaar uit dienst gaan. Wat gaat ú doen? De antwoordmogelijkheden waren:
1 – Eerder vaste contracten afsluiten
2 – Mensen zonder vast contract voor 1 juli laten gaan en starten met nieuwe flexwerker(s)
3 – Ik weet nog niet voldoende over de regel en de uitwerking ervan op mijn bedrijf
Een grote meerderheid, 86 procent, van de respondenten koos voor optie 2 en is dus actief bezig met het vervangen van (een deel van) de flexibele schil om te voorkomen dat er hoge kosten gemaakt moeten worden. Vooral kleine ondernemers met beperkte reserves voelen zich vaak gedwongen om te vroeg afscheid te moeten nemen van flexkrachten, omdat ze de financiële risico’s niet kunnen overzien.
Omdat straks de bouwvak weer voor de deur staat en veel schilders- en bouwbedrijven vaak in de periode vóór de bedrijfssluiting op zoek gaan naar nieuwe flexkrachten, zou er in combinatie met de verwachte ontslaggolf van de transitievergoeding een enorme stoelendans op gang kunnen komen. Zo’n markt in beweging biedt ook kansen. Uitstekende vakkrachten die gedwongen om zich heen moeten kijken, kunnen ook úw team komen versterken.